Zoektocht naar geluk

mei 31, 2013 in Inspiratie

De zoektocht naar geluk

De mens is een gelukzoeker. Hij zoekt het geluk in zijn leven. En als hij het niet in zijn leven vindt, dan hoopt hij op zijn minst het in het hiernamaals te vinden. Want ergens moet er toch voor ieder mens het gelukkige leven te vinden zijn? Een paradijs op aarde?

Zolang als er mensen zijn, zoeken zij naar geluk. Blijkbaar is het menselijk bestaan in al zijn facetten niet bevredigend genoeg. Maar waarom eigenlijk niet? Waar komt onze onvrede met ons eigen bestaan toch vandaan? Sonja Lyubomirsky,  geluksonderzoeker bij uitstek,  concludeert dat geluk voor 50% wordt bepaald door genetische aanleg, voor 10% door omstandigheden en voor 40% door gedrag. Dat betekent dat we zelf een aandeel hebben in onze ervaring van geluk en niet hoeven te wachten op betere tijden, de komst van het hiernamaals of een paradijs op aarde.

Lyubomirsky doet verschillende strategieën uit de doeken die het leven gelukkiger kunnen maken. Iets goeds betekenen voor anderen, investeren in je relaties, tijd nemen voor jezelf enzovoorts. Geluk is voor Lyubomirsky een werkwoord. Een gelukservaring bestaat namelijk helemaal niet uit succes, een behaalde prestatie of een bereikt doel. Nee, het gaat veeleer om de kleine momenten waarin het geluk verscholen ligt. Het is de kunst je met die kleine momenten te verbinden. Of met andere woorden zo aanwezig te zijn dat je ze ook waarneemt. Zonder verbinding met het nu is gelukkig zijn immers onmogelijk. Je bent op een bepaald moment gelukkig, je kunt nooit in de toekomst gelukkig zijn.

Ik ben vaak gelukkig als ik schrijf. Misschien omdat ik dan eigenlijk ‘niets’ doe en me volledig met het nu verbind. Ik ga achter mijn computer zitten en wacht tot het schrijven begint. De woorden komen als vanzelf en zonder dat ‘ik’ werkelijk iets doe ontstaat er dan een verhaal. Ik heb zelfs ontdekt dat hoe meer ik probeer het schrijven te plannen, sturen of beïnvloeden hoe slechter mijn werk wordt. In het begin van mijn schrijverschap vond ik dat niet altijd gemakkelijk. Dat kon toch eigenlijk niet? Ik moest het toch in de hand houden? Ik wilde toch iets neerzetten, iets creëren? Naarmate de jaren vorderde ontdekte ik dat het niets doen, juist essentieel is voor de creatie.

Geluk ligt dus niet ergens op ons te wachten tot we het vinden. Nee, geluk is in het hier en nu. In de kleine momenten van de dag. Misschien moeten we er juist wel minder naar zoeken om het te vinden. Als we voortdurend blijven zoeken worden we namelijk blind voor het moment, voor wat er al is. Door stil te worden en aanwezig te zijn, kunnen we misschien ontdekken wat er al die tijd al voor ons verscholen lag: een geluksmoment zoals een lichtschittering in het raam, een vogel die zingt of een glimlach van een onbekende in een drukke trein. We moeten er dan alleen wel voor kiezen het te zien, er voor kiezen stil te worden en het moment te aanvaarden.

En wie weet dat als we dan samenvallen met het geluksmoment, dat we dan voor heel even geen -zoekers maar geluksbrengers zijn.

Onderstaand een kort verhaal van mijn hand over een man die het geluk zocht maar niet vond.

We zijn allemaal een stap verwijderd van de gekte, dat laat ons geen andere keus dan het geluk te omarmen.

De man zat op een bankje. Met zijn hoofd in zijn handen. Hij had alles geprobeerd. Maar het was niet gelukt. Hij had het geluk nog niet gevonden. Het voelde alsof hij geen stap meer kon zetten. Hij sloot zijn ogen. Hij dacht erover op deze bank te blijven zitten. Niet meer terug te gaan naar waar hij vandaan kwam en ook niet verder meer te zoeken. En terwijl hij daar zo zat, op dat bankje, kwam er een meisje aangelopen. Ze speelde met de bal. Gooide hem de lucht in en ving hem weer op. Toen ze de man voorbij wilde lopen, hield ze stil. Ze keek hem aan, gooide de bal naar hem toe en wachtte af. De bal ketste tegen zijn buik aan. De man schreeuwde en sprong op. Zijn handen vooruitgestoken, klaar om te vechten. Toen zag hij het meisje. ‘Zullen we spelen?’ vroeg ze. De man aarzelde. Hij moest terug, achter zijn bureau gaan zitten en zijn werk af maken. Het geluk zoeken. Het meisje gooide weer de bal naar hem toe. Hij ving hem op. Hij stond vertwijfeld met de bal in zijn handen. Maar het meisje riep hem toe: ‘Gooi dan!’ Dus gooide hij de bal de lucht in, zo hoog, dat het even duurde voordat hij met een vaart weer naar beneden kwam. Het meisje lachte. ‘Nog een keer!’ En zo gooide de man wel honderd keer de bal de lucht in. Net zolang totdat het meisje zei dat het genoeg was. Ze ging naar huis. De man keek hoe het meisje wegliep, haar haren deinde op haar schouders heen en weer, haar bal droeg ze in haar armen. De man liet zich weer terugzakken op het bankje. Hij wilde weer zijn ogen sluiten om in zijn probleem te verzinken. Maar waar was het gebleven? Hij sprong op en zocht onder het bankje, in zijn jaszakken, broekzakken en aktetas. Maar hij kon het nergens meer vinden. Het was verdwenen. En hij had geen idee waar het kon zijn. In de verte hoorde hij het meisje zingen. Pas toen besefte hij dat hij, zonder dat hij het wist, zojuist gevonden had, wat hij al die tijd zocht.